Iets met Heerlen

Mijn moeder, mijn vrouw en mijn beide zonen, zijn geboren in Heerlen. Daarom heb ik iets met die stad, dit in tegenstelling tot het dorp Brunssum, waar ik zelf ben geboren. Maar wat is dat dan? Dat `ìets’. Een onbeschrijfbaar, ondefinieerbaar gevoel, meer niet.

In de jaren vijftig van de vorige eeuw ging ik soms met mijn moeder naar Heerlen, tegenwoordig zouden we zeggen, we gingen er shoppen.
De, toen nog stampvolle LTM-bus, bracht ons naar het centrum van de stad. Als je onder het spoorwegviaduct uit kwam, wist je dat je linksaf een lichte helling op ging. Aan het einde van die helling lag het busstation. Maar eerst moest de rotonde genomen worden voor het station.
Rotonde is misschien een wat groot woord voor het ronde pleintje waar je omheen moest.
Toch was het nemen van die rotonde een hachelijke zaak en ging het weinige verkeer chaotisch te keer. Limburgers waren duidelijk nog niet gewend aan rotondes of wat daar toen voor door ging. Later, als je moest afrijden voor je rijbewijs, hoopte je maar, dat je niet bij die rotonde hoefde te komen.

Bron: Rijckheyt.nl | Stationstraat. Foto gemaakt op het dak van het Royal theater. In het midden rechts de Saroleastraat. Links het station van de Nederlandse Spoorwegen. Op de voorgrond de "rotonde".
Bron: Rijckheyt.nl | Stationstraat. Foto gemaakt op het dak van het Royal theater. In het midden rechts de Saroleastraat. Links het station van de Nederlandse Spoorwegen. Op de voorgrond de "rotonde".

Vanaf het busstation liepen we door de Saroleastraat, waar toen het verkeer nog in één richting doorheen mocht rijden, naar Schunck. Het eerste Heerlens warenhuis. In de volksmond: Het Glaspaleis, geheten. Ik herinner mij liften en etages vol kleren en de sfeer van: Are You Being Served? Kocht mijn moeder daar haar kleren?
Ik kan het mij niet herinneren. Mijn kleren kochten we in ieder geval in Brunssum bij: van Ravenstein. Wat ik mij wel herinner is dat ik altijd iets te snoepen kreeg, meestal een ijsje.
Ik denk eigenlijk, dat mijn moeder er gewoon eens uit wilde zijn en omdat ze in Heerlen geboren en getogen was, trok die stad haar aan.

Soms bezochten we nadat we Schunck verlaten hadden, mijn tante die in Schandelen woonde.
We liepen dan via de Bongerd naar het Wilhelminaplein en vandaar over de Willemstraat naar het spoor. Je kon de overweg nemen, die dikwijls gesloten was of via een in mijn herinnering krakkemikkige houten voetgangersbrug, de overkant van het spoor bereiken.
Soms gebeurde het dat je op de brug stond en er net een trein onderdoor reed. Dat was ronduit een sensatie, je verdween in dikke wolken stoom, die er ook voor zorgden dat je geen hand voor ogen meer zag. Na het bezoek aan tante die in een stads woonhuis, met een klein binnenplaatsje woonde, liepen we terug naar het busstation. Weer over het spoor en weer over de voetgangersbrug.

Ik heb toch al iets met de Heerlense warenhuizen.

Bron: Rijkcheyt.nl | Dr.Poelsstraat. Links de Hema en Vroom & Dreesmann.
Bron: Rijkcheyt.nl | Dr.Poelsstraat. Links de Hema en Vroom & Dreesmann.

Wie herinnert zich nog de koffiehoek bij V & D in de Dr. Poelsstraat, bij de ingang die recht tegenover de ingang van de Hema lag. Als je daar naar binnenging, moest je naar rechts en in die hoek moest je een trap op, naar een kleine koffiehoek. Van uit die koffiehoek, keek je mooi uit op het winkelende publiek. Het drankassortiment was beperkt, toch heb ik daar altijd graag en vaak gezeten. In mijn stad, in mijn Heerlen.

Ingezonden verhaal

Ingezonden verhaal

Als lezer van HeerlenVertelt.nl zal het vaak voorkomen dat u gebeurtenissen, locaties of gebouwen herkent. Wanneer u graag zelf een verhaal hierover wilt schrijven en insturen kan dit natuurlijk!

16 thoughts to “Iets met Heerlen”

  1. Leuk artikel, Martin. Ik heb nog NET meegemaakt dat HEMA en V&D in die panden zaten. Maar omdat ik toen nog ontzettend jong was, heb ik er eigenlijk geen herinneringen meer aan. Leuk om via deze site weer wat meer te leren over de geschiedenis van de stad waar ik geboren ben. 🙂

  2. De voetgangersbrug over het spoor bij de overweg in de Willemstraat was géén krakkemikkig houten geval, maar een degelijke stalen constructie. Lees mijn artikel “Jeugdige herinneringen aan de voetgangersbrug” maar. Het is een van de 24, door mij geschreven, verhalen. En wat de “rotonde” bij het vroegere station betreft…..tot plm. 1949 reden daar ook nog elektrische trams overheen (heb ik ook een verhaal over geschreven).

  3. klopt wat Bert Nijkamp zegt. Kennissen van mijn vader woonden in de stationsstraat naast het pand van de latere slagerij Moonen. Een paar panden verder was een vestiging van Jamin. Als we bij die mensen op bezoek waren hing ik altijd uit het raam om naar de stoomtreinen te kijken. Ik liep dan vaker naar de overkant om op de brug te gaan staan; je kon dan mooi van boven op de locomotief kijken terwijl de stoomwolken om je heen kolkten. De brug was inderdaad van staal. Leuk geschreven trouwens!

  4. ik was iets vergeten te vermelden; dat van die tramrails kan ik bevestigen. Je kon in die tijd de stationsstraat van twee kanten inrijden. Met die rails moest je voorzichtig zijn. Als je met je fiets was moest je uitkijken dat je niet met je wielen in de rails terecht kwam. Later werd de straat grondig aangepakt maar die rails liggen er volgens mij nu nog.

  5. Beste Ton en Bert,

    Het is best mogelijk dat de voetgangersbrug van staal was. Ik schijf ook: een in mijn herinnering etc.
    Hebben we het over dezelfde voetgangersbrug?
    De brug waar ik het over heb, stond naar mijn mening ter hoogte van de latere onderdoorgang, die inmiddels ook verdwenen is. Dus niet direct bij de spoorwegovergang.
    Het artikel moet je zien als een persoonlijke interpretatie/ herinnering. Het was niet mijn bedoeling keiharde feiten te debiteren.

    Met vriendelijke groet,

    Martin Wings http://www.martinwings.nl

  6. Ik weet niet of er een (tijdelijke?) brug heeft gelegen bij de betreffende onderdoorgang. Vaag herinner ik me wel die tunnel. De, door Ton en mij bedoelde stalen brug bevond zich vrijwel naast de overweg (die toen meer westelijk lag dan nu). Mijn opmerking, en ik weet wel zeker ook die van Ton, is zeker niet als kritiek bedoeld. Ik zit er ook wel eens naast met mijn herinneringen; tenslotte is mijn Heerlense tijd wel een halve eeuw geleden.
    Met vriendelijke groet,
    Bert Nijkamp

  7. Ik weet niet in welk jaar het was, maar de “Grand Bazar” kwam in de stad. Ik dacht op de plek waar naderhand de tweede V&D zaak kwam. Er waren roltrappen in en die werden (waarschijnlijk tot ergernis van het winkelpersoneel) door de jongeren gebruikt om te “versieren”, jongens meisjes en meisjes jongens denk ik. Dat ging dan na schooltijd op en neer zonder iets te kopen. een soort bewegende hangplek avant la lettre.

  8. Provotijd wie weet dit nog?

    Ook Heerlen had daar mee te doen, alleen was die opkomst niet zo heel groot.
    Wat wel heel groot was, was de antie provo beweging die toen is ontstaan in Heerlen. Het was 1961 als ik het goed heb,een grote menigte jeugd, trokken door het centrum in de avond uren.
    De burgemeester toen was behoorlijk onderste boven van het gebeurde, eerst was het begeleiden, orde handhaven noemde ze dat toen, maar daar waren de demostranten, niet van gediend, dus ging het naar het aambos,om de aandacht te ontlopen van de politie. Via radio bleven ze op de hoogte van de akties van de politie macht die steeds groter werd.Door in het aambos (beide zijden van de oliemolenstraat) verwarring te hebben gebracht onder de handhavers. Ging de menigte weer terug naar het centrum. Toen de burgemeester er weer controle over kreeg, werdt er ingegrepen, maar ze werden aan een kant in de gereedstaande politie wagens geduwd en ze stapten doodleuk er weer aan de andere kant uit. na enkele avonden is de rust weer gekeerd in Heerlen. Dit was voor die tijd ongekent voor Heerlen.

  9. Van vroeger (voor mij jaren 80) herinner ik me dat Vroom en Dreesmann een tweede filiaal had. Dat was altijd een gezellige winkel. Op de 1e verdieping bovenaan de roltrap bevond zich een postkantoortje waar pap en mam regelmatig met een betaalcheque geld gingen afhalen. Vreemd genoeg kan ik me meer herinneren van de binnenkant van het gebouw dan van de buitenkant of de locatie. Ik heb lange tijd gemeend dat deze winkel in het It’s gebouw aan de Geleenstraat. Klopt dit eigenlijk wel of was het in het Hema gebouw waar Randstad nu in gevestigd is?

  10. Een bijna vergeten Heerlens stadsfiguur John Widdershoven in de jaren 70.
    John was een bekende verschijning in het Heerlense uitgangs leven. In een straal van 25 km om Heerlen was hij bekend.
    De oude kasteleins zullen hem nog herinneren. Van beroep mijnwerker en woonde op kamers in Heerlen. John was een imposante verschijning, groot, breed en sterk. Hij verplaatste zich met de brommer. Als hij kwam dan zag je 2 wielen een stuur en Johnny. Ik heb vaak met hem aan de bar gezeten. In de Shangri-la daar stond altijd een pilsje voor hem klaar. De man dronk sneller een halve liter leeg als een ander een kleintje pils. Daar wedde hij dan met een argeloze klant. Tot groot vermaak van de aanwezige gasten. John was ook vaak te vinden in de Hanenbar in de Willemstraat. Daar at hij diverse halve hanen en de nodige friet. Als John laat binnen kwam in de Shangri-la dan werd er vaak een meter bier voor hem besteld. Hij was overal te vinden van Heerlen tot Kerkrade en van de Locht tot Brunssum. Als John in de slappe was zat, dan kwam hij bij ons op de zaak en kreeg hij van mijn vader 25 gulden, dan kon hij weer even verder. Mijn vader had daar geen probleem mee. Mijn ouders hadden een antiekzaak in de Willemstraat. Ton Otten vermeld in zijn verhaal, dat John in een torenkamer heeft gewoond van kasteel Boerenslot in Meezenbroek. Dit is mij onbekend. Ik weet niet in welke periode dit was. Ton Laat het even weten. Helaas heb ik geen foto`s meer uit die tijd. Johnny is er niet meer. Ik zal die man nooit vergeten. Ik denk dat vele zich hem zullen herinneren. Wanneer John is overleden is mij helaas niet bekend.
    Voor Ton Otten mijn telef.nr. 06 28084544

    1. Johnny was zeker een markant figuur in het Heerlense uitgaansleven.
      Na sluitingstijd van de Heerlense Horeca togen veel doorgewinterde stappers vanuit Heerlen naar Geleen, hier waren sommige bars de hele nacht
      open . De rit naar Geleen voerde ons over de autoweg en diverse keren passeerden we onderweg Johnny die op zijn brommer over de autoweg ook op weg naar Geleen was.
      Dit alles speelde in de eerste helft van de zestiger jaren en tegenwoordig zou zo’n ritje over de autoweg niet meer mogelijk zijn….

    2. Ik heb Johnny Widdershoven goed gekend. Hij was de zoon van de huisarts Widdershoven in Heerlen.
      Ik noemde hem altijd ome Sjef. Hij kwam vaker bij ons thuis om wat klusjes te doen. Mijn moeder maakte dan een grote ketel aardappels en bakte speklapjes voor hem. Als hij dat op had lustte hij nog wel wat boterhammen met wat zoets.
      Ik weet nog dat hij eerst in een pensioen op de Geerstraat woonde, en later woonde hij op kamers op de Grasbroekerweg in Heerlen.
      Het was een ontzettend lieve man die volgens mij heel eenzaam is geweest.
      Ik was toen nog te klein om dat te beseffen jammer genoeg.

      1. hoi frank ik heb johnny widdershoven gekend ik heb op de site van heerlen verteld een artikel geschreven onder heerlen centrum en dan naar iets met heerlen ik weet niet wanneer hij is overleden groetjes jan meijer

  11. Leuk artikel 🙂 Ik heb er op mijn site ook een klein stukje over geschreven ( verhalen uit mijn verleden ) , het ” shoppen” in Heerlen . De warenhuizen , de wc onder de markt , het aapjesorkest dat tot leven kwam als je er een muntje ingooide (in een van de trappenhuizen van V&D of Shunck ? ) , de oude hema , de kape , het busstation …. Heerlen is een totaal andere stad geworden , veel is er verdwenen . Het is een zakelijke city nu . Ik ben zelf in 1957 geboren en woon sindsdien hoofdzakelijk in Heerlen noord .

  12. Beste Martin,
    De koffiehoek in de V&D die jij noemt was in de zestiger jaren (zeker de eerste helft daarvan) dé ontmoetingsplaats van de hogere jaars leerlingen van het Bernardinus-college (toen een middelbare school alleen voor jongens) met de hogere jaars-meisjes van het Clara-college (toen louter dames). Ik meen mij te herinneren dat wij die hoek de Orange Jus Bar noemden; de reden ligt voor de hand. Toentertijd was de lunchpauze op Bernardinus 40 minuten waarvan je het eerste kwartier verplicht moest doorbrengen in de schoolkantine. Voor de vierde-vijfde en zesde klassers was het vervolgens aanpoten om dan nog naar de Orange Jus Bar te lopen, blikken uit te wisselen met de dames en dan als een speer terug. Dat lukte meestal feilloos maar soms kwam er wel eens iemand te laat terug op school. De straf daarvoor kon niet opwegen tegen het geluk “jouw meisje” even gezien te hebben.

Laat een reactie achter op Wim Jongen Reactie annuleren

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.