Verhalen uit de Oranje-Nassau mijnen
Maurice van Opdorp | 23 januari, 2012 | Al 1 reactie
Dit jaar duiken wij het Nederlands Mijnmuseum in. Het museum – gelegen achter het Centraal station – heeft een uitgebreide collectie over het mijnverleden van Heerlen. Ieder museumstuk heeft zijn eigen verhaal. Voordat we de museumstukken bekijken, eerst een stukje geschiedenis over het museum zelf.

Bron: Rijckheyt.nl | Winterfoto van de Oranje-Nassaumijn I. Op de voorgrond het spoorwegemplacement en de voetgangersbrug. (1918)
Met de aanleg van de 1e Oranje-Nassau mijn te Heerlen, begon in 1893 de periode van de “moderne” steenkolenmijnbouw. Er zouden nog drie Oranje-Nassau mijnzetels volgen. Ook andere particuliere mijnondernemingen en ook de Nederlandse staat gingen in Zuid-Limburg steenkool ontginnen. In totaal ontstonden twaalf steenkolenmijnen, die in belangrijke mate bijdroegen aan de Nederlandse energievoorziening. Als laatste van de twaalf mijnen staakte de Oranje-Nassau I te Heerlen op 31 december 1974 de productie en was een steenkolentijdperk van ruim 75 jaren afgesloten.
In 1893 verkreeg Henri Sarolea vergunning (een concessie) om in Heerlen steenkool te ontginnen. Na het afdiepen van de schachten I (254 m. ) en II (470 m.) werd reeds op 30 maart 1898 de eerste steenkool naar boven gehaald. (Zowel de eerst als ook de laatst gedolven steenkool bevinden zich tegenwoordig in het Nederlands Mijnmuseum).
De Oranje Nassau mijnen
In de Oranje Nassau I werd gasarme kool gewonnen (“magere” kool). Deze “magere” kool was het meest in trek bij de afnemers en huishoudens.
Het ontginningsgebied (concessie) van de Oranje-Nassau besloeg 3.400 ha. Binnen de concessie waren vier mijnzetels gevestigd, de ON I te Heerlen, de ON II te Schaesberg, de ON III te Heerlerheide en de ON IV te Heksenberg. De concessie van de ON I was aanzienlijk uitgestrekt en reikte tot onder het grondgebied van de gemeente Simpelveld (Rode Put, ca. 7 km. van de schacht te Heerlen verwijderd). In de beste jaren had de Oranje-Nassau ca. 9.000 arbeiders in dienst.
568.261.000 ton steenkool werd door de Limburgse mijnwerker uit de grond gehaald, hiervan 31.978.000 bij de ON I te Heerlen, gedurende de periode van 1898-31.12.1974. Een gigantische productie, zeker als men bedenkt, dat de gemechaniseerde koolwinning eerst in de 2e helft van de vorige eeuw tot ontwikkeling is gekomen. Tot dan was het voornamelijk handwerk.
De laatste productiepijler eind 1974 bevond zich onder kasteel Terworm, op een diepte van 420 m. Dit betrof een volledig geautomatiseerde pijler, met “wandelondersteuning”.
Tientallen jaren lang brachten duizenden mijnwerkers een groot deel van hun leven door onder de grond en wijdden hun beste jaren aan de Nederlandse welvaart. Dit culturele erfgoed moet worden gekoesterd. Velen hebben daarvoor betaald met hun leven, ruim 1400 mijnwerkers verongelukten op de werkplek. Talloos zijn de silicose-slachtoffers.

Bron: Nederlands Mijnmuseum | De schacht
De toekomst
De stichting Carboon heeft met de realisatie van het Nederlands Mijnmuseum het mijnerfgoed zeker gesteld. Echter bestaan er nog volop uitbreidingsplannen. Deze plannen omvatten de realisatie van een simulatiemijnlift, die het mogelijk maakt om fictief, maar zeer realistisch, ondergronds te gaan en een bezoek te brengen aan een, al even realistisch nagebootst, ondergronds bedrijf. Een “doe” museum, dat onze kinderen laat voelen en zien, hoe het er vroeger in de mijnen aan toe ging.
In 2015 vindt de 50 jarige herdenking plaats van de aankondiging mijnsluitingen door Joop den Uyl in de Heerlense schouwburg. Bij gelegenheid van deze herdenking wil de stichting Carboon het nieuwe Nederlands Mijnmuseum open stellen.







In de jaren 1956-’57 dee ik mijnbouwkundige praktijk. Dus o.m. weekenddiensten/pompen-kontrole op de ON-I. Beneden aangekomen stond gelukkig een El-lok gereed. Alleen: mijn maat ging in de andere cabine zitten en ik mocht op de “kast” hangen. Onnodig te zeggen dat het erg heet werd voordat we ca. onder de Vroedvrouwenschool waren aangekomen! De rest bespaar ik jullie (behalve het klimmen in een natte blindschacht a 80 mtr zonder bediening). De echte kompels van de ON-i begrijpen dit. De anderen vragen me maar.
Han